De culturele aangelegenheden


Photo P.-A. Massotte
De culturele aangelegenheden waren de eerste bevoegdheid die werd overgedragen door de Staat aan de gemeenschappen. Sinds de eerste staatshervorming vormen ze een belangrijke hoeksteen van de gemeenschappelijke autonomie. Maar opgelet: onder culturele bevoegdheden verstaat men niet alleen cultuur in de enge betekenis van het woord. Ook toerisme, bevordering van sport en omscholing en bijscholing behoren tot de cultuursector. Hier een overzicht van de verschillende culturele materies:

  • de bescherming en de luister van de taal, de bevordering van het juiste taalgebruik, de verspreiding van literaire werken in het binnen- en buitenland, de toekenning van subsidies, prijzen, studiebeurzen enz.,
  • het aanmoedigen van de vorming van wetenschappelijke vorsers,
  • de schone kunsten (literatuur, muziek, theater, ballet, film enz.),
  • het cultureel patrimonium, de musea en de andere wetenschappelijke inrichtingen. Het gaat hier in de eerste plaats om het aanleggen van archieven, de oprichting en het onderhoud van musea, de organisatie van uitleendiensten enz.,
  • de media: bibliotheken, mediatheken en soortgelijke diensten, radio-omroep en televisie met uitzondering van het uitzenden van mededelingen van de federale Regering, hulp aan de schrijvende pers,
  • het jeugdbeleid, het onderwijs voor volwassenen en de culturele animatie,
  • de lichamelijke opvoeding, de sport en het openluchtleven. Deze bevoegdheid omvat zowel beroepssport als amateurssport, met uitzondering van weddenschappen, sportresultaten, bokswedstrijden en dopingbestrijding,
  • de vrijetijdsbesteding,

    Photo P.-A. Massotte
  • toerisme, sociaal toerisme en toerisme,
  • het voorschoolse en naschoolse onderwijs, het deeltijds onderwijs,
  • de artistieke vorming, o.a. de muziekacademie,
  • de sociale promotie,
  • de beroepsomscholing en –bijscholing (bij voorbeeld bijscholing van de middenstand, omscholing van werklozen en vormingscursussen voor de landbouw).

Ook de bescherming van monumenten en landschappen wordt beschouwd als een culturele materie. In de begroting van de Duitstalige Gemeenschap staat deze bevoegdheid dan ook ingeschreven binnen deze post (zie Ob 40, programma 21).

Let wel: door de staatshervorming van 1988 werd de bescherming van monumenten en landschappen een regionale bevoegdheid, die daardoor verloren ging voor de gemeenschappen (ook voor de Duitstalige). Pas door bevoegdheidsoverdrachten van het Waalse Gewest aan de Duitstalige Gemeenschap (1994: monumenten en landschappen, 2000: opgravingen) werd de Duitstalige Gemeenschap weer bevoegd voor deze aangelegenheden.